Skip to main content

Het vallen van de bladeren, de zomer die op zijn einde loopt, de zomerkleren stilaan weer in dozen… Er hangt verandering in de lucht. Sommigen verzetten zich er liever tegen; nog even dat allerlaatste terrasje, nog even een vakantie in september, … Anderen kijken er dan weer naar uit: de gezelligheid, de warme mutsen, … En ook dat blijft weer niet duren, want in het voorjaar maken we ons weer op voor de lente en de zomer. Zo gaat dat nu eenmaal. In onze contreien zijn we wel gewoon aan verandering van seizoenen, maar toch is veranderen best wel moeilijk.

 

Vaak zie ik als loopbaancoach mensen tegenover me die iets aan hun situatie willen veranderen. Sommigen nog bang en onzeker, anderen overtuigd maar weten niet goed hoe. Verandering gebeurt niet altijd bruusk en plots, maar veelal is het een proces van proberen, zoeken, vallen en opstaan.

Soms kies je voor verandering (je job opzeggen, starten als zelfstandige), soms wordt je tot verandering gedwongen (een ontslag, een reorganisatie, veranderingen op privé-vlak die je dwingen iets te wijzigen aan je werksituatie). Wat er ook van is, verandering is een vaak gehoord topic in coaching en toch is het iets wat zelden vanzelf aan. Werk aan de winkel dus.

 

Motivatie en weerstand.

Meestal is er wel een zekere intrinsieke motivatie als mensen hun loopbaan onder de loep willen nemen. Maar toch ook niet altijd. Je herkent het wel, je wil dat het anders is, maar eigenlijk wil je toch niet dat er te veel verandert. Verandering hoeft ook niet altijd zo radicaal te zijn. Als je bijvoorbeeld veel last hebt van lawaai op kantoor kan het al voldoende zijn je bureau in een rustigere hoek te zetten, wat extra planten ter beschutting te voorzien, … Je hoeft geen mug te doden met een kanon. Kleine veranderingen leveren soms grote effecten op.

Daarom laat ik mensen vaak aan het begin van de coaching eens noteren wat ze leuk vinden aan de job en wat ze niet leuk vinden, waar ze zich in frustreren.  Soms merk je dan dat er toch wel grote veranderingen nodig zijn om het weer aangenaam te maken, maar soms ook weer niet. Iemand die bijvoorbeeld noteert dat vergaderen niet zijn of haar ding is, kan hierover in gesprek gaan met de leidinggevende. Misschien kunnen er vergaderingen geschrapt worden in de agenda, zodat er minder stress en meer tevredenheid kan ontstaan.

Waar wil je naar toe? Of, waar wil je niet meer naar toe?

Wat wil je anders? Benoem dat concreet en kijk of je al met kleine veranderingen iets kan teweeg brengen. Kan je daar wel motivatie voor vinden? Pak je weerstand stap voor stap aan.

Ik werk nogal eens met de theorie van de motiverende gespreksvoering. Je kan verandertaal bevorderen door de ander te laten benoemen wat hij of zij anders zou willen en dat te bekrachtigen: ‘dat lijkt me een goed idee’, ‘ik merk dat dat idee je raakt’, ‘je lijkt het belangrijk te vinden om een goede werk-life balance te vinden’, ‘dat is een goed punt’.

Of ik laat mensen al een ‘brainstormen’ over hun loopbaan. Even alle remmen los, probeer je niet in te houden met ‘ja maar’, maar laat je gaan. Misschien staan er onmogelijke elementen op zoals bijvoorbeeld neurochirurg worden terwijl je al 50 bent, maar het geeft wel weer dat je misschien iets in de zorg wil doen? Misschien verpleging op een neurologische afdeling? Zo worden doelen concretere en haalbaar; en concrete en haalbare doelen, daar gaan we nu eenmaal sneller voor.

 

Waarden

Je goed in je vel voelen, betekent ook dat je naar je eigen waarden kan leven. Vind je carrière belangrijk, maar je gezin staat groei in de weg? (of vice versa) Dan kan dat frustraties opleveren. Waardengericht leven is belangrijk. Het helpt dus ook om bij veranderingen in je leven jezelf ook de vraag te stellen ‘wat vind ik belangrijk?’. En deze vraag hoeft niet werk gerelateerd te zijn. Als jij bijvoorbeeld eerlijkheid belangrijk vindt, kan je vastlopen als je job af en toe een leugentje om bestwil vereist. Neem dus in je veranderproces ook de waarden mee die voor jou belangrijk zijn. De waardensorteertaak uit de ACT is hierbij een handige werktool.

Maar ook al ken je je waarden, het is niet altijd eenvoudig je gedrag er aan aan te passen of daadwerkelijk het roer om te gooien. Mensen kiezen vaak voor het bekende, omdat dat veiliger en zekerder aanvoelt. Verandering is ook kiezen voor iets onbekend. Maar geen verandering is in de ontevreden situatie blijven hangen. Soms voel je dan de ambivalentie. ‘Ja maar, …’ ‘wat gaan ze daar van zeggen’, ‘ben ik daar niet wat oud voor’, ‘dat gaat minder verdienen’. Dan helpt het om beide kanten eens te aanhoren. Van waar komen deze overtuigingen? Spreek eens met de ja-kant en dan met de neen-kant. Hoe voelen beide kanten? Dit kan ook met de tweestoelen-techniek die ook vaak in een therapeutisch proces aan bod komt.

Volgende fantasie-oefening kan ook helpen [1]:

Vaak vraag ik eerst even de ogen te sluiten en dan stel ik wat vragen:

“Maak je eerst eens een voorstelling van hoe je leven/werk er momenteel uitziet. Welke beelden komen er dan op de voorgrond? Hoe ziet zo’n dag er uit?”

Het is dan niet de bedoeling op te sommen wat er allemaal gebeurt op zo’n dag, maar eerder om een aaneenschakeling van beelden te maken die op de voorgrond komen. Zo kan iemand bijvoorbeeld zeggen ‘ik zie al dat volk in het landschapsbureau en hoor al die telefoons en stemmen; ik zie hoe ik ’s ochtends sloffend binnenkom en ik zie de blik van mijn bazin achter het raam en hoe ik mail na mail moet beantwoorden en geen tijd heb om rustig mijn dossiers af te werken’. Dan kan je nog wat verder gaan en zeggen “ stel je voor dat je leven deze dag telkens herhaalt voor de komende (vb.) 20 jaar. Hoe voelt dat?”

Vaak brengt dit iemand wel bij het ontevreden gevoel en voelt dit duidelijk als iets wat ze niet meer willen. In een tweede fase kan je dan gaan kijken hoe een dag er wel zou uitzien:

“Wat zou je anders willen? Probeer eens een voorstelling te maken van zo’n ideale dag. Wat zou er anders gebeuren? Wat zou je zelf anders doen? Zouden er andere mensen, omgevingen, … een rol spelen in deze film?”

Dan kan je samen gaan kijken naar wat een eerste stap zou kunnen zijn. Wat wil je veranderen? Wat zou je zelf anders kunnen doen?

Hierbij kan ik al eens op de weerstand botsen zoals ‘jaja, maar ik heb die keuze niet’ of ‘dat kan ik niet, hoor’. Nou, laat dat nu net twee dingen zijn, die ik niet zomaar geloof 😉

Ten eerste het deel ‘keuze’. Ik probeer mensen via volgende oefening duidelijk te maken dat bijna alles in het leven een keuze is. Je wil je ‘rotjob’ behouden, prima, dat mag je kiezen, maar het is niet omdat het nu eenmaal goed betaalt, dat je niet kan kiezen om te veranderen. Je kiest dan voor veiligheid en inkomen. Dat is een keuze, en alleen jij kan die maken. Als mensen eens een tijdje in plaats van het woord ‘moeten’ het woord ‘willen’ leren gebruiken, merken ze hoe vaak ze denken dat ze geen keuze hebben (moeten) maar eigenlijk wel keuze hebben (willen). Dat kan ook helpen om verandering in je hoofd te ondersteunen.

Het tweede deel ‘kunnen’. Pipi Langkous zei eens ‘ik heb het nog nooit gedaan, dus ik denk dat ik het wel kan!’. Nou, wijs meisje, toch? Alles wat onbekend en nieuw is, is eng. Je wil het tot een goed einde brengen, dus het is ook best akelig om er aan te beginnen.

Maar vaak kijken mensen bij verandering alleen naar het eindpunt; het resultaat. Bijvoorbeeld ‘ik wil vloeiend Frans kunnen spreken’. Dat kan iemand nog niet op moment X, dus solliciteert die niet op jobs waar een goede kennis van het Frans wordt gevraagd en blijft maar zitten in een job die die niet leuk vindt. Waarom je doel niet opdelen in kleine doelen? Een plan van aanpak, dus (PVA in mijn notities 😉 ).

Wat is het allereerste dat je kan doen? Zet er een actie en een datum tegenover.

Vb. info vergaren waar ze in de buurt avondlessen Frans geven:

    • Website VDAB, CVO, scholen in de buurt bekijken => tegen volgende week vrijdag
    • Noteren waar en wanneer de lessen doorgaan => tegen volgende week zondag

Hierna kan je weer een volgende stap bekijken vb. inschrijven opendeurdag, naar de opendeurdag gaan, … Noteer zo alle stappen, hoe klein ook, en zet er een actie tegenover. Je kan eventueel, als het vertrouwen laag is, ook bekijken hoe groot je je slaagkans acht voor dit tussendoel.

Vervolgens ga je ook kijken naar steunende/helpende factoren en hindernissen.

Vb. Avondschool : hoe combineren met gezin? Opvang?

Vb. Opendeurdag: hoe geraak ik daar? Wagen, openbaar vervoer? Alleen of neem ik iemand mee?

Ook hier telkens per stap eens bekijken wat kan helpen of hinderen en dit op voorhand als goed opvangen?

Uiteindelijk ga je zo verder tot het tussendoel bereikt is ‘avondschool Frans nemen’. Het einddoel ik dan ‘vloeiend Frans kunnen spreken’. Misschien is dat dan pas na 2 jaar of zo, maar alleszins sta je verder dan 2 jaar geleden en heb je nu meer troeven in de hand om naar een baan te gaan die je boeit en tevreden maakt.

 

Verandering is zelden iets wat je op één dag teweeg brengt; zelden een revolutie, vaker een evolutie. Kijk eens eerlijk naar je situatie, noteer wat je wil veranderen, en zet stilaan kleine stappen richting een meer tevreden leven. Of zoals een quote die ik heb laten drukken op mijn folder

‘when you focus on results, you will never change… when you focus on change, you wil get results’.

Isabelle Stiers

Loopbaancoach Schaffen – Diest

https://isabellestiers.weebly.com

0489 220 676

 

 

Bronnen:

Gundrum, M. & Stinckens, N. (red) (2010) De schatkist van de therapeut – oefeningen en strategieën voor de praktijk. Acco Leuven/Den Haag

Miller, W.R. & Rollnick, S. (2005). Motiverende gespreksvoering – een methode om mensen voor te bereiden op verandering. Gorinchem: Ekklesia.

https://www.actinactie.nl/attachments/File/Waardensorteer-taak.pdf

 

[1] Oefening uit ‘De Schatkist van de therapeut’: Voor een en voor altijd? Door Listbeth Neven

Delen